Wat kost varen zonder vaarbewijs? Boetes en risico’s in België

Je vaart een middagje mee met een vriend op zijn nieuwe rubberboot. Hij zet de gashendel iets verder open dan gepland, de teller tikt over de 20 km/u, en op dat moment ben je eigenlijk — zonder dat je het beseft — vaarbewijsplichtig geworden. Niet omdat je iets fout deed, maar omdat de wet in België strenger is dan de meeste mensen denken.

Wanneer heb je eigenlijk een stuurbrevet nodig?

De vuistregel is eenvoudiger dan de meeste vaarders vermoeden. Een stuurbrevet is verplicht zodra je vaartuig aan minstens één van deze voorwaarden voldoet: de romp is langer dan 15 meter, het vaartuig kan sneller dan 20 km/u, of je gebruikt de boot bedrijfs- of beroepsmatig. Voldoe je aan geen van de drie? Dan is er strikt genomen geen brevet nodig. Maar in de praktijk halen veel motorboten en zelfs stevige rubberboten die 20 km/u zonder moeite, en dan geldt de verplichting wél — ook al vaar je “gewoon een rondje” op een rustig kanaal.

Er bestaan twee niveaus: het beperkt stuurbrevet volstaat op de meeste binnenwateren (rivieren, kanalen, afgesloten meren), terwijl je voor de kusthavens en tot 6 zeemijl uit de kust een algemeen stuurbrevet nodig hebt. Wie verder dan die grens vaart voor plezier, heeft trouwens geen Yachtman-brevet nodig — dat is enkel verplicht voor professioneel gebruik, wat nogal wat verwarring schept.

En als je toch zonder brevet gepakt wordt?

Sinds de hervorming van de pleziervaartwetgeving is het toezicht flink aangescherpt. Niet langer enkel de scheepvaartpolitie controleert — ook de handhavers van De Vlaamse Waterweg mogen vandaag optreden, wat betekent dat de kans om gecontroleerd te worden reëel gestegen is. De gedoogperiode die er vroeger was, is voorbij: overtredingen worden effectief bestraft met administratieve boetes, waarvan het bedrag oploopt naargelang de ernst van de overtreding — van een tik op de vingers voor een kleine administratieve fout tot bedragen die in de duizenden euro’s kunnen lopen bij een veiligheidsinbreuk. Vaar je zonder het vereiste brevet, dan riskeer je dus niet alleen een boete, maar ook dat je vaartocht daar en dan stopt.

Registratie is een aparte verplichting — en wordt vaak vergeten

Los van de vraag of je een brevet nodig hebt, geldt sinds 1 januari 2019 een andere regel: elk pleziervaartuig van minstens 2,5 meter moet geregistreerd zijn bij de overheid, tegen een kost van 150 euro. Je moet het registratiebewijs (“registratiebrief”) bovendien aan boord kunnen tonen. Veel booteigenaars weten dit niet, of denken dat hun oude, nooit-geregistreerde bootje “toch te klein is om ertoe te doen” — terwijl net die aanname tot een boete kan leiden bij een routinecontrole.

Hoe vermijd je problemen?

De eenvoudigste manier om zeker te zijn: laat je niet leiden door wat “iedereen doet” op het water, maar check zelf tegen welke regels jouw vaartuig aanloopt. Twijfel je of jouw boot binnen de 15 meter/20 km/u-grens valt, of gebruik je hem soms voor iets dat als beroepsmatig geldt? Dan is een stuurbrevet de veiligste keuze — niet alleen om boetes te vermijden, maar ook omdat je er gewoon een betere en zelfverzekerdere schipper van wordt.

Toevallig is dit ook het ideale moment om ermee te starten: tijdens onze back to school-actie (t.e.m. 15 september) krijg je 10% korting op zowel de cursus als het cursusmateriaal.